|
|
Bahasa Indonesia (03-05-07) Nina
bobo, Adik
sayang,
Nina
bobok, Nina bobok. In “Indonesië
ik klaag je aan” sprak ik erg negatief over Indonesië.
Nu negen maanden later meen ik nog iedere letter van mijn relaas.
Daar er niets is veranderd. Noch politiek, noch mentaliteit, niets.
Kort daarna mocht
ik deze middels de secretaresse ontvangen en heb ze op een punt des
tijds bekeken. Ik heb er even mee gewacht. Maar nu heb ik ze inmiddels
gezien. Het was werkelijk adembenemend. Niet normaal zo mooi. Papa
zei ook altijd dat het een van de mooiste plekken van de aarde is
met enorme
duistere zijde die door westerlingen schroomlijk wordt onderschat.
Immers zij denken het altijd beter te weten dan wij. Indonesië
bestaat uit ruim 18.000 eilanden. Van die
18.000 eilanden zijn er slechts 6.000 bewoond. Dus 2/3 van Indonesië
is in handen van de dieren en planten (laten we dit in vredesnaam
zo houden, ware het niet dat er onnoemelijk veel bomen gekapt worden,
dieren ontheemd raken en alles ten behoeve van het meest agressieve
“zoogdier”: de mens). Mijn vader komt uit Jawa. Blitar om precies te zijn. Blitar (125.000 inwoners) ligt in het Oosten van Jawa, ten zuiden van twee vulkanen Kelud en Kawi, vlak bij de tempelruïnes van Panataran. Papa’s geboorteplaats wordt nog niet door toeristen niet overspoeld met die ene hotel en restaurant. Ik denk dat het een authentiek mooi plekje is wat ik graag had willen zien. Ik heb hem zojuist gesproken en gaf hem te kennen dat ondanks Israël mijn thuis is, daar mijn voornaamste roots liggen, ik aan de andere kant best trost mag zijn op mijn Indonesische roots. Papa klonk trots en blij. Dít mag wel eens tegen hem gezegd worden!
|
|
|