|
|
Ik wil terug! (02-11-2006) Ik ben nu krap een dag thuis. Heel erg moe. Vreselijke terugvlucht gehad met extreme turbulentie. We hebben 20 minuten over moeten doen om te kunnen landen. Heel spannend allemaal, maar ondertussen weet ik nu wat een ruwe vlucht inhoudt. Geen reden om niet te vliegen. Ik ben ontzettend moe. Ik ben niet in staat lang te slapen. Ik heb inmiddels twee wassen doorheen gejaagd en ga zo de derde aanzetten. Ik heb vers brood voor Alexander gebakken en ondertussen werk ik keihard aan mijn weblogje omdat veel lieve vrienden van ons wat foto’s en verhalen willen zien en lezen. Het is inmiddels 9:45, zie hoe vroeg ik dus wakker was… ik heb echt onzettende heiwee. Ik zit hier met tranen in mijn ogen. Dezelfde tranen toen we opstegen van Tel Aviv. Alexander weet dat ik al enkele jaren hier in Nederland me niet meer thuis voel. Je kan hier als Joods persoon niet altijd jezelf zijn. Waar kan ik mijn sjaal kwijt en Alexander zijn kippa? Zijn lievelings kippa – die zwarte van hem – kan hij alleen maar in de sioer en snoge dragen. Dat is toch triest? Waar gaat dit G’dverlaten land nu naar toe als Joden in NL om hun uiterlijke kenmerken zo getreiterd kunnen worden? De rare blikken in begrepen. Nee, ik hoor hier niet thuis. Ik wíst dat als ik naar Israël zou gaan, dat ik het hier met mezelf heel erg moeilijk zal krijgen. Gevangen tussen twee culturen, want ook al lijk ik NL af te kraken, ik waardeer NL op andere punten heel erg. Ik ben er ten slotte ook geboren. Ik zei al twee keer dat ik moe ben. Ik mis dat drukke geklep en gevlieg van de Joden. Het zit in hun aard. Altijd maar bezig… en hun mondjes staan nimmer stil. Alexander zei verschillende keren hoe verbazend dit te zien was tav mij: ik ben exact hetzelfde. Ik mis onze lessen aan de jesjive. Je zult in verloop van de fragmenten uit mijn dagboekje lezen dat Alexander en ik inmiddels lessen volgen op een grote jesjive in Jeroesjalajiem en hebben hierdoor een vaste rabbijn. Wij zijn door Joel aan hem voorgesteld, want hij is Joels rabbijn. Vreselijk fijn was dat om dit iedere ochtend, rond deze tijd, de oude Joodse gedeelte van Jeroesjalajiem binnen te mogen rijden om naar een leerzame les van onze rabbijn te kunnen gaan. Die geuren van net vers gebakken brood. Alexander zei ook dat het hem opviel dat in de Joodse gedeelte van Jeroesjalajiem een lichte zoete en fijne geur hing. Dat was direct weg als je de seculiere of de Arabische gedeelte betrat. Heel merkwaardig, maar echt waar. We gaan snel weer terug. Er zijn mensen die op ons wachten om ons weer een warm onthaal te geven, zoals de rabbijnen Brodman, de rabbijn van de jesjive en nog een klein aantal mensen. Ik hoop dat ik weer snel mijn draai in dit land zal vinden. Op zijn minst dat ik me tevreden voel en op mijn gemak. Dat is nu niet het geval zolang ik letterlijk met een steen op mijn hart wakker wordt… alsof een geliefde of een dierbare vriend van je weg is gegaan…
Ethnix- Machar Anie Babajiet HIER kun je fragmenten uit mijn dagboekje volgen... |
|
|