Knock, knock,


 

Who's spying me?

oek:
Teken het gastboek

Goede doelen

Israël

Mijn Honden
en parkietjes

Alexander Chaim

Devorah Tsiona

Mijn
Jodendom

Mijn denk-
wereldje

Het denk-
wereldje
van een
Personal Assistant
en Webredacteur

Herinneringen
uit de oude
schoenendoos

Slogans:

Voor gelovigen zijn er geen vragen,
voor ongelovigen zijn er geen antwoorden.
Chofetz Chaim

"He who is cruel to animals becomes hard
also in his dealings with men.
We can judge the heart of a man by his
treatment of animals." -- Immanuel Kant

Geef me liever de waarschuwing van de ouderen,
dan het gevlei van de jongelui.
-- Midrasj Tanhoema

Directiesecretaressen zijn onmisbaar
voor de Nederlandse economie.
Randstad Uitzendorganisatie


 


Een vondeling (05-05-2008)

Afgelopen donderdag gingen wij – zoals wij al jaren jaarlijks doen– met Erik naar de Jom hasjoa; de herdenking van de Europese Joden ten tijde van WOII. Het was anders dan andere jaren. Normaliter zetten wij onze auto bij Erik in Buitenveldert om vervolgens de tram naar de Hollandse Schouwburg te nemen. Deze keer ging het anders. De tram had wegens railswerkzaamheden geen dienst. Er werden peddelbussen ingezet, maar zoals NL betaamd: lekker onduidelijk. We keken om ons heen en Alexander zei op eens: ‘kom, we pakken de auto!’. Wat een briljant idee. Ik was daar nóóit opgekomen *schaam*. Binnen een 15-20 minuten waren wij in de buurt van Artis. We wilden onze auto bij de gracht parkeren. Prcies nog één plaatsje op de hoek was vrij. Alexander zette de auto neer, wilde betalen, maar we hadden alle drie geen kleingeld bij ons. Bálen. Ik had echt de smoor in. We pakten de auto en besloten het bij Artis te parkeren. Erik wist te vertellen dat je – zonder dat je Artis bezoekt – jouw auto kwijt kan. VIERENTWINTIG EURO EN EEN BEETJE voor het eerste uur werd er gevraagd. Mijn moppermodus raakte getriggerd: “Mesjogge”, riep ik! “Kom, weg gaan naar de parkeergarage”. Zo gezegd zo gedaan. Wij konden makkelijk een plaatsje vinden en tevreden liepen wij naar de Schouwburg. De heren deden braaf hun kippa’s op en we waren klaar voor de herdenking. Het is onnodig te vermelden hoe indrukwekkend zo’n herdenking is. Vooral toen het jongetje zong… wat een kracht…

Enfin: het is de gewoonte dat wij na zo’n herdenking nog nasjmoezen met bekenden. Ook is het de gewoonte dat wij – zoals wij voor om naar binnen gaan – ook voor om naar buiten gaan, even stilstaand bij het monument (binnen) met alle namen. Beide gewoonten deden wij niet. Wij gingen praktisch direct weg en gingen achterom. Als of we niet wisten hoe snel wij naar de parkeergarage terug moesten. Eindelijk zaten we in de auto en Alexander wilde net zijn uitrijdkaartje gaan gebruiken, toen hij opeen op de rem trapte en uitachteruit reed!!! Nou ja, wat gebeurde daar! Hij vroeg aan Erik en mij: ‘Zien jullie dat? Kirsten, stap uit en ga kijken. Daar ligt of een blauw pluchebeest of een echte blauwe parkiet! Weer: nou ja! Ik sprong uit de auto, keek achterom niemand ons kon passeren zodat ik alle tijd had om te kijken wat er aan de hand was. En ja hoor… midden op de uitrijdbaan zat een ingedoken parkiet. Ik riep dat de achterbak open moest zodat ik de handdoek kon pakken en hem mee kon nemen. Zo gezegd zo gedaan. Erik hielp mij in de auto, want toen ik riep dat Alexander gelijk had, stond direct naast mij. In de auto belde hij zijn ouders om te vragen of zij een doosje wilden klaarzetten.
Bij Erik aangekomen (een rit heeft in mijn herinnering haast nog nooit zo lang geduurd) stonden zijn ouders met het doosje klaar en Erik en zijn vader hebben het beestje in het doosje gedaan. Wij hebben snel wat gedronken en gingen richting mijn vader. Ik had Ulrich al gesproken en gezegd dat ik Tjieptjieps (mijn troetelnaam voor hun agapornis en mijn vaste vakantielogeetje) oude kooi wil confesceren. Was geen enkel punt. We reden direct vanuit Erik door naar mijn vader en ja hoor, schoon schelpzand zat er al in en we zette het doosje in de kooi, waarna het parkietje direct uit het doosje klom, de kooi in. Ik vroeg aan Ulrich om eten en binnen enkele minuten kon het beestje zijn buikje vol eten. Wij zijn vervolgens richting huis gereden en thuis aangekomen nam zijn kooi direct de plek van Tsjieptsjiep in, dat is bij het raam in onze werkkamer boven (veilig uit de buurt van de honden; mn Nina, want die vond het machtig interessant). Ik belde de moeder van Erik op en op de handsfree hebben we verder gepraat. Vanaf het moment dat wij het beestje eten aanboden tot dat ik Eriks moeder ophing, at hij door en dat was op de kop af 35 minuten! UITGEHONGERD en OVERVERMOEID.

De uren, dag, erna leek het verder niet bang (als ik met mijn hand in de kooi ging om bv water te brengen, dook het absoluut niet weg, bleef waar het blijft en was überhaupt nergens in geïnteresseerd. Uren, bijna een dag, zat het op dezelfde stok, dommelde weg, was dan weer even wakker. Wat mij ongerust maakte was dat hij met opgezette veren op twee pootjes zat en steeds wegdommelde. We hadden – toen we hem vonden - sowieso besloten naar de dierenarts te gaan. We moesten de volgende dag toch met Cheila voor een prikje, dus we zouden alles in een keer doen. Die ochtend heb ik Erik nog een keer gebeld om te zeggen dat hij de nacht was door gekomen en dat was mi sowieso een goed teken. Op dat moment kwam hij eindelijk van zijn stok af en begon zelfs een beetje lawaai te maken. Wauw, dat was goed zeg!
Die middag zijn wij naar de dokter geweest en hij was kerngezond. We moesten hem wel bij een rode lamp houden. We hebben de rode lamp van Berilo (wie wat bewaart heeft nog eens wat) in gebruik genomen en ja hoor hij klaarde helemaal op. Ik had dat al door toen ik voordat we naar de dokter gingen de verwarming hoog aan had gezet (met 22 graden en zon buiten). Na de dokter hebben we onze diertjes thuis gebracht en ben ik lekker voor hem wezen sjoppen (goed voer, speelgoed, ed.).

Enfin… Lolly – want dat is zijn naam geworden – heeft inmiddels een permanent plaatsje in ons gezin. Bij één instantie heb ik hem aangemeld. De instantie zei namelijk dat de vindplaats dat juist verhoogd. Ik heb ze ook nog aan de telefoon gehad en ja, ze kunnen Lolly helaas tot een jaar opeisen. Maar ze krijgen hem echt niet zo maar mee! Het hangt werkelijk van de volgende factoren af en LaKirsten gaat tot het gaatje!
1. aangeven wat de unieke kenmerken van Lolly zijn
2. hoe is hij ontsnapt?
3. hoe was zijn leefomstandigheden bij de vorige eigenaren?

Als zijn vorig huisje béter voor hem is – denk aan een vollière oid. – dan krijgen zij hem mee. Maar niet omdat zij hem een “gouden” parkietenboom hebben geven en ik zal hem “slechts” en “houten” geven.

Kort en goed. Alexander is stellig – Erik en ik ook – van mening dat de volgende gebeurtenissen (even recapitulerend) geen toeval zijn:
• de tram naar Jom Hasjoa plat lag,
• dat wij vervolgens geen fatsoenlijke bus konden vinden, wat ons deed besluiten
• de auto te pakken en te parkeren bij de gracht máár
• wij geen kleingeld bij ons hadden waardoor wij wederom gedwongen werden
• gebruikt te maken van de parkeergelegenheid bij Artis, maar dat bij Artis
• belachelijke bedragen voor het eerste uur gevraagd werden waardoor wij wéér gedwongen werden
• elders in een pareergarage te parkeren.
• Vervolgens de herdenking met onze Joodse gemeenschap hadden om vervolgens (ook ten opzichte van de andere jaren)
• wij geen tijd namen te sjmoezen met andere mensen en
• achterom weggingen in plaats van voorom, waardoor wij
• om moesten lopen naar de garage.
• wij in een onnodige lange rij moesten staan omdat oa een dame haar pas niet werkte waardoor
• wij nog langer moesten wachten.
• eindelijk konden wij eruit rijden en Alex wilde nét wegrijden en het kaartje bij de slagboom in het apparaat wilde doen toen zijn oog op de vloer viel. ...

In de auto heb ik verschillende malen “Baroech Hasjem” gezegd en de dagen daarna ook… nu ook… voor Lolly…



Slogans:
"No Jew Will Left Behind!!!

G'd bestaat
is geen
wetenschappelijke stelling,
omdat zij niet voor weerlegging
van het tegendeel vatbaar is"
De Rebbe Z"L

HASJEM li, lo' 'iera'
HASJEM is met mij, ik ben niet bang

Wetenschappers...
in feite zijn zij op zoek naar...
de Ejn-Sof (B"H)

'Ejn majiem ela Tora;
er is geen water zonder Tora
Bava Kama 82a

"Kinderen zijn kleine mensen.
Mensen zijn grote kinderen."
Onorato Fava

Tony Blair over de
Israëlische democratie:
"De ober morste soep op schoot
van premier Netanyahu.
In veel landen, waaronder heel
wat in deze regio, zou de ober in
de problemen zijn gekomen.
Maar ja, dit is Israël. Hoewel ik geen
Hebreeuws kan, kon ik begrijpen wat
de ober tegen Bibi zei. Hij zei:
'Waarom ben je zo dom om uw schoot
te bewegen wanneer ik uw soep bij u neerzet?
'
Zijn [Netanyahu's] reactie was:
'Het spijt mij werkelijk'.
En toen realiseerde ik me:
dit [Israël] is een echte democratie.

"

Veel mensen zullen het gevoel hebben
dat het erop neer komt dat werken het
verkopen van je ziel is.
Voor die mensen is de Sjabbat een kans
om die ziel terug te krijgen.
Tom Butler-Bowdon

Te veel nonsens over Palestijnen is
niet gezond voor de westerse media.

Afshin Ellian


 

Deze site is ter gedachtenis van Borias 18-2-2004/27-7-2005 en zag het levenslicht op 27-08-05